Veel mensen die op zoek zijn naar massagetherapie in Amsterdam vragen mij of ik ook deep tissue doe. De reden hiervoor is meestal het idee dat deep tissue effectiever is dan “gewone massage” of dat je meer waar voor je geld krijgt. Het tegendeel is vaak waar en hier kan je lezen waarom de deep tissue massage die je bij Harai Massagetherapie & Rolfing krijgt iets anders is dan je misschien verwacht.
Deep tissue massage heeft een marketingprobleem. In het hoofd van veel mensen betekent het: hard duwen, tanden op elkaar, en dan “gebeurt er tenminste iets”. Dat idee komt uit dezelfde hoek als no pain, no gain. Het klinkt stoer, maar het is meestal een misvatting.
Deep tissue gaat in de praktijk niet over bruut geweld. Het gaat over precisie, tempo, richting, en vooral over hoe je zenuwstelsel reageert op aanraking.
Hard is vaak minder diep
“Diep” klinkt alsof je met meer kracht automatisch dieper komt. In werkelijkheid werkt het vaak omgekeerd.
- Veel druk wordt meestal verdeeld over een groter oppervlak. Dat geeft een stevige sensatie, maar niet per se diepte.
- Werk dat echt “diep” voelt, ontstaat vaker door langzaam “landen”, tijd geven, en in de juiste richting spanning opnemen in plaats van doordrukken.
Een nuttige vuistregel uit de myofasciale wereld is: eerst diep, dan pas bewegen. Het zakken gebeurt doordat het lichaam reageert op rustige, geleidelijke druk en duidelijke intentie, niet doordat je er doorheen forceert.
Bij Rolfing en andere myofasciale technieken is het gebruikelijk om te wachten op “toestemming” van het weefsel voordat je dieper gaat. In de praktijk merk je vaak dat er na een aantal seconden iets verandert: je adem zakt, spanning wordt beter te volgen, en het lichaam stopt met terugduwen.
Als je met kracht door die eerste beschermlaag heen gaat, doet dat sneller pijn en werkt het meestal averechts. Je komt niet “dieper”, je triggert vooral bescherming.
Waarom pijn het werk vaak saboteert
Als iets pijn doet, schakelt het lijf vaak snel naar bescherming. Spieren spannen (soms ongemerkt) aan, de adem komt hoger en het systeem wordt alerter. Dat beschermende aanspannen heet guarding. Het is geen “weerstand” die je moet breken; het is een automatisch veiligheidsmechanisme. Maar het voorkomt ook dat een therapeut echt diep kan komen.
En precies daar zit de tegenstelling: ontspanning is noodzakelijk om diepe lagen effectief te kunnen benaderen, mobiliteit te laten ontstaan en het zenuwstelsel naar een nieuwe, rustiger stand te begeleiden. Pijn duwt je juist de andere kant op.
Goede pijn en slechte pijn
Het lichaam kan onderscheid maken tussen een intense sensatie die “goed” voelt en pijn die als bedreigend wordt ervaren. Goede pijn is een heel specifieke mix: het is scherp genoeg om duidelijk te zijn, maar tegelijk voelt het veilig en begrensd.
In lekentaal komt het hierop neer:
- Je hebt “signalen” die pijn aangeven en je hebt “signalen” van druk en aanraking.
- Druk en aanraking kunnen pijnsignalen tijdelijk dempen. Dat is een bekend principe uit de pijnwetenschap, zoals krabben de jeuk van een brandnetel even kan overstemmen.
- Die typische “goede pijn” ontstaat wanneer je én een duidelijke, scherpe prikkel voelt én tegelijk merkt dat het systeem niet overspoeld raakt. Dan voelt het intens, maar is niet bedreigend.
Massage hoort overigens – behalve wellicht bij ziektes of aandoeningen – géén blauwe plekken of bloeduitstortingen achter te laten of op een andere manier weefsel te beschadigen. Bij Harai zal ik daarom niet snel gua sha of scraping geven; het geeft veel weefselstress en de meerwaarde is in elk geval niet overtuigend aangetoond. Pain but no gain.
Waarom extreem “deep” soms averechts werkt
De gewaardeerde massageveteraan en pijnexpert Paul Ingraham van PainScience is nuchter over de term deep tissue: het is niet gestandaardiseerd, het is geen medische definitie, het betekent in de praktijk meestal “sterke massage” en er is zelden een goede rechtvaardiging voor extreem pijnlijke behandeling.
En naast de vraag of het effectief is, is ook van belang wat er mis kan gaan:
- Te intens werk kan klachten verergeren in plaats van verlichten.
- Het kan een nare, langdurige stressreactie achterlaten bij een gevoelig systeem.
- Het kan fysieke bijwerkingen geven, van blauwe plekken tot zeldzame maar serieuze complicaties, zeker rond de nek of bij kwetsbaar weefsel.
De kern is simpel: intensiteit en diepte zijn een middel, geen bewijs van kwaliteit.
De oorsprong van deep tissue: Ida Rolf
Werken met bindweefsel en fasciale lagen bestond al binnen osteopathie en andere manuele tradities. Maar “fascia” kreeg in de vorige eeuw een enorme culturele en praktische boost door het werk van Ida P. Rolf met Rolfing Structural Integration. In Rolfing is fascia belangrijk vormgevend weefsel; Rolf wordt vaak geciteerd met uitspraken als “orgaan van houding/vorm”. Wetenschappelijk onderzoek laat zien dat fascia een actievere rol in ons lichaam heeft dan lang gedacht, ook al “smelt” het niet, zoals soms beweerd wordt.
Uit de Rolfing-wereld groeiden nieuwe vertakkingen en onderwijsstromingen. Rolfer Thomas Myers ontwikkelde Anatomy Trains expliciet vanuit zijn werk en onderwijscontext rond fasciale anatomie. En Erik Dalton (ook Rolfer) ontwikkelde zijn Myoskeletal Adjustment Techniques vanuit de principes van Ida Rolf. Art Riggs (jawel, ook een Rolfer) heeft in 2007 het standaardwerk voor deep tissue massage geschreven.
Deep tissue massage en Rolfing horen inhoudelijk dicht bij elkaar. Goede massagetherapeuten weten dat dit (veel) kennis van anatomie betekent, aandacht voor fasciale verbanden, laag-voor-laag werken, met goede timing, richting en mechanica. Diep werk kan makkelijk pijnlijk worden en is belastend voor de massagetherapeut. Daarom ligt de nadruk op zacht en pijnarm werk, palpatie, lichaamsmechanica, en het slim inzetten van tools (knokkels, onderarm, elleboog) zonder de ander te slopen.
Wat deep tissue massage dus wel is
Het is “diep” omdat het systeem het toelaat:
- Langzaam contact, zodat het lichaam de informatie kan verwerken
- Weinig glijden (vaak weinig olie), om een specifieke structuur te kunnen “pakken” en volgen
- Rustig contact maken, afdalen naar de relevante laag en dan pas richting geven en bewegen
- Werken met de lijnen waar spanning zit en niet alleen loodrecht (of hard) duwen
- Afgestemd op adem, spierspanning, en de mate van veiligheid in het zenuwstelsel
- Actieve samenwerking zorgt ervoor dat je als cliënt je gewenste intensiteit en diepte krijgt
Deep tissue is qua werk op tafel en met deze technieken erg verwant aan Rolfing. Het verschil zit meer in het frame: Rolfing Structural Integration is een explicietere, serie- en bewegingsgeoriënteerde aanpak terwijl deep tissue vaker als losse sessie of voor specifieke klachten wordt geboekt.
Voor wie is deep tissue massage geschikt
Deep tissue (zoals ik het bedoel) is vooral zinvol als je een duidelijke klacht hebt of een duidelijk doel: bewegingsvrijheid terug, minder pijn, beter herstellen van belasting, of een hardnekkig patroon dat steeds terugkomt. Denk aan nek-schoudergebied, lage rug, heupen, kuiten, of het gevoel dat je “vastzit” in een bepaald bewegingspatroon.
Als je vooral een ontspanningsmassage zoekt waarbij je gedachten uitgaan en je een uur “uit” wil staan of wilt werken aan je lichaamsbewustzijn, dan past een andere stijl vaak beter. Deep tissue is ontspannend, maar het is vooral functioneel.
Duur, intensiteit en wat je daarna kunt voelen
Meestal gebruik ik deep tissue klachtgericht en niet full-body. Praktisch betekent dat dat 60 minuten vaak genoeg is voor één regio, en 90 minuten handig is als er meer spiergroepen geraakt worden of als je systeem tijd nodig heeft om te landen.
Na een sessie kan je je direct losser voelen, maar soms ook wat gevoelig of “doorwerkt” het nog een dag. Dat is niet hetzelfde als blauwe plekken of schade; eerder het effect van prikkelverwerking en het feit dat we aan iets hebben gewerkt dat al overbelast was. Als je reactie hevig is of lang aanhoudt, is dat een signaal dat de dosering omlaag moet. Mijn ervaring is dat het ook enkele dagen tot een week of twee “ongemakkelijk” kan voelen als je lichaam door nieuwe bewegingsvrijheid of nieuwe kennis andere bewegingspatronen aanleert. Vraag me hier gerust naar; ik moedig dit soort verandering en experimenten aan.
Wanneer liever niet
Bij koorts, acute infecties, onverklaarde zwellingen, recente trombose, of als je arts je expliciet heeft afgeraden om gemasseerd te worden, is deep tissue geen goed idee. Ook bij gebruik van bloedverdunners, kwetsbare huid/weefsels, of tijdens herstel na een operatie is extra voorzichtigheid nodig.
Twijfelgevallen behandel ik altijd conservatief: minder intens, meer informatie verzamelen via voelen en bewegen, met een plan dat je systeem kan bijhouden.
FAQ
Doet deep tissue bij Harai pijn?
Meestal niet. Het kan intens zijn, maar het blijft binnen een grens waarbij je kan ademen en je lichaam niet in guarding schiet.
Gebruik je olie?
Met deep tissue en Rolfing niet. Voor dit soort werk wil ik meestal weinig glijden zodat ik een structuur kan volgen in plaats van eroverheen te bewegen. Bij een droge huid gebruik ik soms wat creme.
Is dit hetzelfde als sportmassage?
Er zit overlap in doel (herstel, functie), maar deep tissue in deze stijl is minder “hard kneden” en meer laag-voor-laag, richting en zenuwstelsel.
Hoeveel sessies heb ik nodig?
Dat hangt af van je klacht en belasting. Soms is één sessie voldoende om beweging terug te krijgen, soms is een korte reeks nodig om een patroon te veranderen.
Deep tissue bij Harai
Naast Rolfing Structural Integration geef ik deep tissue massages. Op mijn manier, zoals hierboven beschreven. Afhankelijk van je pijn of gewenste uitkomst zal ik ook Dalton MAT-technieken of andere tools uit mijn gereedschapskist voorstellen. Ik leg dus geen mensen op de pijnbank. Omdat het niet zinvol is, maar ook voor het behoud van mijn handen. Daarom geef ik ook geen full-body deep tissue massages. Diepte is een bijproduct van veiligheid, aandacht en vakmanschap en heeft als doel een klacht op te lossen of bewegingsvrijheid te krijgen.